Therapie

Therapie bestaat al erg lang en gaat terug tot voor onze jaartelling. In de 19e eeuw kwam therapie veel meer in de belangstelling en werd er ook veel meer over geschreven. Vanaf dat moment is de professionele ontwikkeling niet meer gestopt. De biologische psychiatrie heeft een belangrijke inbreng gekregen doordat medicijnen werden ontwikkeld die een positieve impact bleken te hebben op psychische processen.

Vaak wordt bij behandeling gebruik gemaakt van het gegeven dat mensen een gebeurtenis interpreteren, er gedachten over vormen, op basis van de gedachten gevoelens ontwikkelen, die weer aanzetten tot gedrag en dit heeft een gevolg. Deze relatief simpele zin met de 5 G’s draagt echter veel complexiteit in zich. Want hoe werkt dat dan een gebeurtenis interpreteren? Wij krijgen formats mee van onze ouders, en waarschijnlijk van de ouders van onze ouders. Formats die we ons doorgaans helemaal niet bewust zijn. Alsof wij vrij kunnen kiezen.

Het onbewust interpreteren van de werkelijkheid ligt al ingewikkeld. En dan heb je onze gedachten-processen. Of gevoelens die gaan en komen. En dan gedrag dat soms plots in ons opkomt. En ons soms lijkt te overkomen. Er lijkt geen bewuste sturing op te zitten. Dat noemen ze dan ook wel de ‘automatische piloot’.

In therapie neem je de tijd om heel goed te luisteren naar de binnenwereld van cliënten. Wat zijn hardnekkige interpretaties, wat zijn hardnekkige gedachten, wat zijn veelvoorkomende gevoelens, of wat is snel voorkomend gedrag, dat maakt dat cliënte zich onprettig voelen, onvrij. En meer overlevers dan levenden.

Hoewel cliënte doorgaans met nare gevoelens, of nare gedachten, of ineffectief gedrag binnenkomen, blijkt eigenlijk altijd dat cliënten gesprekken naast intensief, interessant, verhelderend en hoopgevend vinden.

Naast zelfinzicht, wordt er in therapie doorgaans veel handelingsrepetoir aangeboden. Vooral wordt er gewerkt om een innerlijke leider (Volwassen Voorzitter in opleiding, of Gezonde Volwassenen) ‘in het zadel te helpen’, of ‘achter het stuur te krijgen’ zodat er een leider is aan het systeem van de cliënt. De leider van het systeem, heeft dan per situatie doorgaans meerdere handelingsalternatieven. Niet meer slechts één, namelijk harder werken. Maar drie of vier.en natuurlijk alternatieven die gezond zijn, die perspectief bieden, die hoop geven. Oh ja, en het is de innerlijk leider die vooral goed leert luisteren naar wat er binnenin zich afspeelt. Zodat er meer bewustzijn ontstaat, betere interne communicatie en beter interne samenwerking.